Waarachtig openhartig
Even een oprecht domme vraag: wie van de gebroeders Francoeur was eigenlijk de capabelste componist? Was het Louis Francoeur, “l’Aîné” dus (ca. 1692-1745). Of toch maar François “le Cadet”. Wel, ze waren elkaar ongetwijfeld waard, zo blijkt. Uit zowel het afrondende Rondeau uit de sonate in sol-klein van François (opus 2, nr. 6, 1730) als uit Louis’ onbeschrijfelijke Largo uit de sonate in si-klein (opus 1, nr. 6, 1715). Met deze beide deeltjes wordt de kern van Les frères Francoeur geraakt. Worden er registers opengetrokken, en de ziel van hun muziek heerlijk helder bloot- en uitgelegd. Deze waarachtige uitvoeringen doen bovendien beseffen dat we vandaag, in potentie, de mooiste der muzikale tijden kunnen beleven én ook naar waarde schatten. Een tijd waarin dichotomieën al te vaak hoogtij vieren, ja zelfs lustig tot op het bot worden gevierd, maar die in de klassieke muziek, zoals meer bepaald tussen spreken en zingen, schijnbaar zonder enige moeite worden overstegen. Hoe de ontzettende openhartigheid van Louis’ Largo duidelijk maken, moeten de makers van deze plaat gedacht hebben. Als de indruk van een afdruk die vraagt om eeuwige herdruk? Of door even sluipend als aangrijpend in een opstapje uit Les Augustales te voorzien – “Le théâtre s’éclaire”. Spot on ja! Deze hoofdvogels, als balsem voor de tikker, moet je gewoon beluisteren. Hoor, hoor, wederhoor:Plezier voor de galerij
Even twee oprecht retorische vragen. Moet er nog zand zijn. En wie zou al die arrangementen voor strijker en toetsen, recht uit de tragedies Tarcis et Zélie (1728) en Scanderberg (1735), toch gemaakt hebben. Zijn al die prachtige ‘partitions réduits’, als ware het ticketjes voor de foyer, alleen aan die François (mv.) te danken? Feit is dat daar niet alleen innige ontboezemingen plaatsvinden (Tarcis et Zélie), maar ook nog eens het vurigste en verbluffendste speelplezier voorbijkomt (Scanderberg). Alvorens alweer in de sonates van de Francoeurs te duiken. Waar naast energieke en snedig getimede plaisanterieën – de Courante van Louis bijvoorbeeld – ook bedachtzaam werk blijft opborrelen. Cases in point: de raak geïntoneerde en dus troostende Allemande en Sicilienne van François. Grote klasse dus, met een de Swarte die als kort entremets overigens nog een kleurrijke improvisatie op de Oudere zijn sonate in Sol-groot uitbalanceert. De Chaconne van Louis-Joseph Francoeur (1738-1804), “qu’il à faitte pour donner à son oncle”, is trouwens niet de kers op de taart van dit muzikale geslacht, maar een vrolijk geïnspireerde hommage. Want tranen van blijdschap die blijven toch – schwung, paukenslag – tot de kostelijkste behoren. Niemand die vandaag nog gelooft dat de opvoering van Scanderberg destijds een klinkende mislukking was, integendeel:Berusten in passie
Het is een bedenking waarmee Les frères Francoeur besluit. “Pour plaire l’art ne peut prêter qu’une faible imposture”. Een komische ondertitel voor het heroïsche ballet Le Prince de Noisy (1749)? Of een subtiele vingerwijzing naar iedereen die cultuur blijft verwarren met vrije tijd; of weigert te verknopen met “la condition humaine”. De vaststelling blijft in ieder geval dat Les frères Francoeur door alle betrokkenen als één meeslepend verhaal is gedacht én uitgevoerd. Dat de tracks op de achterkant van de hoes geen nummers hebben, onderstreept alleen maar de intentie van de makers. Weinig tot niets werd aan toeval of twijfel overgelaten, en dat spreekt ook uit de opeenvolging van gloedvolle, indringende pleidooien. Waar u zich dus steeds opnieuw even aan kan opwarmen. Zoals aan de passie, waar ook hier uiteindelijk in wordt berust. “La passion est encore ce qui aide le mieux à vivre”, daar was naar het schijnt ook Émile Zola (1840-1902) van overtuigd. Of zoals het duo Langlois de Swarte–Taylor parafraseert: “Plus encore, la musique est ce qui aide le mieux à vivre!” Vandaar dit vriendelijke verzoek: meer zang van jullie graag, met nog een Pléiade aan andere noten erop.There has to be passion A passion for living, surviving And that means detachment
5/5
WIE: Théotime Langlois de Swarte (viool, Jacob Stainer, 1668) & Justin Taylor (anoniem klavecimbel, uit het 17de-eeuwse Lyon, “mis au grand clavier par Joseph Colesse” in 1747, gerestaureerd in 2003 door Laurent Soumagnac)
WAT: Les frères Francoeur, met muziek van Louis en François Francoeur (ca. 1692-1745 / 1698-1787), Louis-Joseph Francoeur (1738-1804), Jean-Jacques Baptiste Anet (1676-1755), François Rebel (1701-1775) en Jean Durocher (18de eeuw)
UITGAVE: Alpha Classics, ALPHA 895 (1 cd)
FOTO’S: © Julien Benhamou & Robin Davies
MÉRITE PLUS QU’UN DÉTOUR: la Cité musicale-Metz, 25 maart 2023
CD BESTELLEN: JPC